Hand & pols

Springvinger

Een springvinger of springduim is een aandoening waarbij de vinger knikt of vastzit bij bewegen van de vingers: symptomen, diagnose en behandelplan.

Inhoud

Springvinger

Wat is het?

Een springvinger of springduim – ook wel triggerfinger, knikvinger of knipmesvinger genoemd – is een aandoening waarbij je vinger telkens vastklikt of de vinger blokkeert bij het buigen en strekken. Bij een springvinger geraakt de buigpees van de vinger ontstoken of verdikt, waardoor deze niet meer vlot door de peesschede (A1 pulley) glijdt. Je vinger blijft dan in gebogen stand staan en schiet plots los wanneer je hem probeert te strekken, alsof er een knik in je vinger zit.

Bij wie komt het voor?

Een springvinger of springduim komt vaker voor bij:

  • Vaker bij vrouwen dan bij mannen
  • Meestal tussen de 40 en 60 jaar
  • Mensen met herhaalde vingerbelasting (zoals musici, klussers, kappers, en schrijvers)
  • Personen met diabetes, reumatoïde artritis of schildklierziekten
  • Mensen die reeds een carpal tunnel release ondergaan hebben

Wat zijn de symptomen?

  • Pijn en gevoeligheid: Er is vaak pijn aan de basis van de aangedane vinger, vooral bij druk op het peesgebied.
  • Vastzittende vinger: Je ervaart dat één van je vingers regelmatig blijft hangen in een gebogen positie bij het strekken.
  • Klikkend gevoel: Bij het bewegen hoor of voel je een knappend of schurend gevoel wanneer de vinger losschiet.
  • Ochtendstijfheid: moeite met uitrekken van de vinger in de ochtend.
  • Zwelling: Soms zie je een lichte zwelling of voel je een verdikking (nodus) in de handpalm ter hoogte van de betrokken pees.
  • Volledig vastzitten: in ernstige gevallen kan de vinger volledig vastzitten.

Hoe stelt de arts de diagnose?

  1. Anamnese: De arts vraagt naar je klachten en wanneer de springvinger optreedt. Vaak is het verhaal van een vinger die “op slot schiet” erg typisch.
  2. Klinisch onderzoek: Je hand wordt onderzocht. De arts voelt naar een verdikking in de handpalm en test of de vinger tijdens het buigen of strekken hapert. Dit onderzoek alleen is meestal voldoende om de diagnose springvinger te bevestigen.
  3. Aanvullend onderzoek: In principe zijn er geen scans nodig. Soms kan een echografie of röntgenopname worden uitgevoerd om andere oorzaken uit te sluiten, maar bij een springvinger is dit zelden nodig.

Wanneer naar een volgende stap?

Behandeling

De behandeling hangt af van de ernst van de klachten en is opgedeeld in verschillende stappen:

  • Stap 1: Rust en ontstekingsremming
    In een vroeg stadium van de springvinger kan het helpen de vinger rust te geven. Vermijd repetitieve bewegingen en zware belasting. Een ontstekingsremmende pijnstiller of gel kan de zwelling verminderen. Soms wordt een spalkje aangeraden om de vinger tijdelijk te immobiliseren zodat de pees kan ontzwellen.
  • Stap 2: Cortisone-injectie
    Blijven de klachten van de springvinger aanhouden, dan kan de arts een corticosteroïdeninjectie rond de pees toedienen. Dit is een prik met een krachtige ontstekingsremmer die vaak voor verlichting zorgt. Bij ongeveer 50-70% van de patiënten verdwijnt de springvinger hierna volledig of voor lange tijd.
  • Stap 3: Operatie
    Als een injectie niet helpt of de springvinger steeds terugkomt, is een kleine ingreep mogelijk. De arts snijdt dan onder plaatselijke verdoving het peesringbandje (A1 pulley) open. De pees krijgt zo weer voldoende ruimte en kan vrij bewegen, waardoor de vinger niet langer blokkeert. Na deze dagbehandeling kan je dezelfde dag nog naar huis en volgt een korte revalidatie om de vinger weer soepel te maken. Het herstel is vaak snel met direct effect. Soms is er kans op tijdelijk gevoelige littekenvorming of tijdelijke stijfheid (6 tot 8 weken).

Prognose

  • Conservatieve behandelingen zijn vaak effectief bij vroege stadia.
  • Corticosteroïdeninjecties geven vaak snelle verlichting, maar de klachten kunnen terugkeren.
  • Chirurgische behandeling heeft een hoog succespercentage en herstelt de bewegingsvrijheid van de vinger

Conclusie

Springvinger is een veelvoorkomende, maar goed behandelbare aandoening. Vroege herkenning en aanpassing van belasting kunnen verdere problemen voorkomen. In ernstige gevallen biedt een operatie een definitieve oplossing met een hoog slagingspercentage.

Maak een afspraak

Online

Het is mogelijk om je afspraak online vast te leggen via onderstaande link.

Telefonisch

Maak je je afspraak liever telefonisch? Dan kan je terecht bij ons secretariaat:

Hand & pols
Behandelingen

Springvinger

Wat?

Een springvinger, ook bekend als "trigger finger" of "stenoserende tenosynovitis," is een aandoening die invloed heeft op de beweging van een vinger of duim. Het wordt veroorzaakt door een ontsteking of zwelling van de peesschede die de buigpees omhult en door de vinger loopt. De buigpezen zijn verantwoordelijk voor het buigen van de vingers, en wanneer de peesschede ontstoken raakt of verdikt, kan de pees niet soepel door de peesschede glijden, waardoor de beweging van de vinger wordt belemmerd.

De term "springvinger" is afkomstig van het feit dat de aangedane vinger of duim vast kan komen te zitten in een gebogen positie en vervolgens plotseling "opspringt" wanneer de persoon probeert de vinger recht te maken. Dit gebeurt omdat de verdikte peesschede de pees als het ware vasthoudt en het buigen of strekken van de vinger moeilijk maakt.

Oorzaak?

De exacte oorzaak van een springvinger is niet altijd duidelijk, maar het kan worden geassocieerd met overmatig gebruik van de handen en herhaalde bewegingen, zoals bij bepaalde beroepen of bij mensen die veel herhalende handbewegingen maken. Het kan ook vaker voorkomen bij mensen met bepaalde medische aandoeningen, zoals reumatoïde artritis of diabetes.

Symptomen

  1. Pijn of ongemak aan de basis van de vinger of duim.
  2. Zwelling en gevoeligheid rond het gebied van de peesschede.
  3. Beperkte beweging van de vinger, vooral bij het proberen te buigen of te strekken.
  4. Het gevoel dat de vinger vast komt te zitten in een gebogen positie.

Diagnose

De diagnose van een springvinger kan meestal worden gesteld op basis van het klinische onderzoek door een arts, waarbij de symptomen worden beoordeeld en de vingerbeweging wordt geëvalueerd. In sommige gevallen kan een beeldvormende test, zoals een echografie, worden gebruikt om de aandoening te bevestigen.

Behandeling

De behandeling van een springvinger kan variëren, afhankelijk van de ernst van de aandoening. In milde gevallen kunnen rust, ontstekingsremmende medicatie en het vermijden van overmatig gebruik van de hand de symptomen verminderen. In gevallen waarin de symptomen aanhouden, kan een corticosteroïde-injectie in het gebied worden gegeven om ontsteking te verminderen. In sommige gevallen kan een operatieve ingreep nodig zijn om de verdikte peesschede vrij te maken en de beweging van de vinger te herstellen.

Het is essentieel om een arts te raadplegen als iemand symptomen van een springvinger ervaart, omdat een vroege diagnose en behandeling kunnen helpen om verdere complicaties te voorkomen en de handfunctie te herstellen.

Maak een afspraak
Het is mogelijk om je afspraak online vast te leggen via onderstaande link.
Maak een online afspraak
Maak je je afspraak liever telefonisch? Dan kan je terecht bij ons secretariaat.
Bel campus Sint-Jozef
Bel campus Sint-Elisabeth

Wij maken gebruik van cookies

We maken gebruik van cookies om gegevens m.b.t. de prestaties en het gebruik van deze website te verzamelen & analyseren, om sociale netwerkfunctionaliteiten aan te bieden en onze content & advertenties te verbeteren en personaliseren. Bekijk onze privacy policy voor meer informatie.